Belijdenisboek hoofdstuk 6
Toen het mis ging
Hoe het kan dat er zoveel narigheid is? Het begon toen de eerste mensen niet naar God luisterden. En ze waren nog wel zo gewaarschuwd. God straft die ongehoorzaamheid eerlijk, lees maar na. Het gaat mis als je God niet erkent. Dat eigen baas willen zijn zie je nog steeds overal terug. Paulus legt het uit aan de mensen in Rome. Tegelijk laat hij zien dat Jezus wél gehoorzaam was.
En als je dan toch iets helemaal fout hebt gedaan? Doe dan wat David deed en biecht het eerlijk op aan God. Hij is vol liefde en wil mensen redden. God beloofde dat al in het paradijs en Hij had er zelfs zijn Zoon voor over om Zijn wereld te redden.
Dag 1: Genesis 3:1-13 BGT
Dag 2: Genesis 3:14-24 BGT
Dag 3: Romeinen 5:12-19 BGT
Dag 4: Psalm 51 BGT
Dag 5: Johannes 3:16-21 BGT
Schuld en onschuld
Vergelijk Psalm 26 met Psalm 130. Hoe verklaar je de tegenstelling? Welk lied past bij jou?
Gevolgen
In het dagelijks leven zijn er allerlei gevolgen van de zondeval. Kijk maar op het journaal en in je leven. Maak een lijst van 10 dingen waarin je dat kunt zien.
Kom je ook goede dingen tegen? Hoe kan dat?
Begrippen en relaties
Bij het onderwerp van deze les horen de woorden: tijdelijke straf, eeuwige straf, sterven, liefde, zonde, redding, oordeel. Leg uit wat die woorden betekenen en wat ze met elkaar te maken hebben. Zet ze in een schema en laat met pijlen zien wat ze met elkaar te maken hebben.
Gehoorzaamheid
De zonde in het paradijs laat zien dat gehoorzaamheid en liefde een geschenk zijn dat je geeft en dat je ook niet kunt geven. Wat betekent deze zin? Hoe kun je nu gehoorzaamheid en liefde laten zien aan God?
Interview
Vraag iemand die al lang gelooft te vertellen over zonde en vergeving. Wat leer je van zijn of haar persoonlijke ervaringen?
Bijbel
Vergelijk de geschiedenis van Abraham die zijn zoon Isaak moet offeren (Gen.22) met het proefgebod in het paradijs, toen de eerste mensen niet van die ene boom mochten eten (Gen.2,3). Wat is hetzelfde en wat is anders? Welke betekenis heeft het offer van Isaak voor de vergeving van zonden?
Proefje
Neem een paar zwarte dropjes, bijvoorbeeld boerderijdrop. Doe ze in een schaaltje met gesuikerde dropjes en schudt even flink. Haal daarna de zwarte dropjes eruit. Wat zie je? Waar is dit een voorbeeld van?
Doelen:
Weten: Gods schepping was goed. Mensen kozen tegen God. De gevolgen van deze keuze. Zonde is fout doen, fout willen en het goede nalaten. Gods straf is eerlijk en leidt tot de dood. God belooft Zelf een uitweg.
Kunnen: Jezelf zien als zondaar voor God. Rekenen op Gods liefde en redding. Berouw uitspreken en in vertrouwen vergeving vragen.
Motivatie: Ik weet wie ik ben voor God: een schuldig zondaar. Toch laat God me niet aan mijn lot over. Hij zelf wil Mij redding geven. Hoe groot is zijn liefde voor mij!
Aandachtspunten:
– Weten de jongeren wat zonde is? Maak concreet wat fout doen, fout willen en het goede nalaten in houdt. Te dichtbij? Houdt het privé door op briefjes te schrijven of kies voor een voorbeeldverhaal.
– Leg uit dat mensen nog steeds meer willen zijn dan God en dat dat achter de zondeval zit.
– Het is geen vrolijk onderwerp, maar vergeet niet te benadrukken dat mensen slecht kozen, maar God goed bleef! Hij zet zijn liefde tegenover het slechte. En liefde overwint het kwaad.
Leider:
Jullie samenzijn is ook een werkplaats in geloven. Zitten er dingen niet goed in de groep? Gaat iedereen respectvol met elkaar om? Bespreek het en vraag elkaar en God waar nodig vergeving en bidt om hulp.
Sla zondebesef en schuld en boete niet over, dan wordt genade goedkoop. Laat ze tot hun recht komen en ontdek hoe groot Gods liefde is.
Benoem Gods genade en praat ook over dank en toewijding.
Anders?
Na catechisatie is Jasper met Annet mee naar huis gereden. Ze zitten samen op haar kamer. ‘Hoe vond je het?’ vraagt Jasper, ‘je was zo stil.’ ‘Ik vond het moeilijk’, komt Annet. ‘Volgens de bijbel doen Adam en Eva het fout, maar ik heb het idee dat wij gestraft worden voor wat zij deden. En als je kijkt naar de gevolgen: oorlogen en verkrachtingen en kindsoldaten en…’ Annet somt allerlei vreselijke dingen op. ‘Had dat niet anders gekund?’ vraagt ze Jasper.
Voorzichtig begint Jasper: ‘Het is ook moeilijk. Maar God heeft de mens niet als een robot gemaakt. De mens kon kiezen: Naar God luisteren of niet. Als je niet naar God luistert, vertrouw je Hem niet. En dat wilde de slang.’ Jasper probeert het uit te leggen, maar hij merkt dat het niet zo lukt. Annet zegt: ‘Ja, dat zei de dominee ook. Maar toch vind ik het oneerlijk. God had die boom toch weg kunnen laten?’
‘Het was niet om te pesten, maar om te testen. God wilde zien of de mensen Hem echt vertrouwden’, zegt Jasper. Hij kijkt Annet eens aan. Hij wilde dat hij het beter kon zeggen. Soms is het moeilijk dat Annet niet zoveel van de bijbel weet. Als het hun relatie maar niet in de weg gaat zitten. Ze heeft soms zoveel vragen.
Annet zegt: ‘Als God die boom er niet gezet had, waren wij volmaakt gelukkig geweest.’ ‘Ja’, zegt Jasper, ‘maar God had het toch ook niet zo moeilijk gemaakt? De mens mocht van álle bomen eten. Alleen van die ene niet. Maar dat wilde de mens nou net. Hij wilde het gewoon beter weten dan God. Dat was de fout van Eva en Adam. Kijk maar in Genesis. Waar ligt je bijbel?’
Annet pakt haar bijbel en samen lezen ze het verhaal over de zondeval in Genesis 3. Dan zegt Jasper: ‘Zullen we bidden?’ Wat later zegt Annet: ‘Eigenlijk snap ik het nog steeds niet. Maar ik ben wel rustiger. Soms ben ik bang dat geloven te moeilijk voor mij is, maar als ik met jou bid…’