Sluiten

Les 24.5 Bijbellezen III

Dag 1 :
Matteüs 4: 12-25
  NBV

Evangelie betekent letterlijk ‘goed nieuws’. In deze verzen lees je hoe Jezus zelf het evangelie begint te verkondigen. Goed nieuws of niet…?!

Dag 2 :
Handelingen 12: 24-13: 5
  NBV NBV

In het boek Handelingen wordt beschreven hoe het goede nieuws van Jezus overal verkondigd wordt. We lezen vooral veel over Paulus en zijn medewerkers. Ze getuigen overal van Jezus.

Dag 3 :
Filippenzen 1: 1-10
  NBV

Er staan in het Nieuwe Testament brieven van Paulus aan zeven verschillende gemeenten. Paulus wil die gemeenten bemoedigen, onderwijzen en waarschuwen. Wat hij schrijft, blijft actueel voor alle gemeenten van Jezus Christus.

Dag 4 :
2 Timoteüs 1: 1-8
  NBV

In het Nieuwe Testament staan ook drie brieven van Paulus aan zijn medewerkers. De jonge Timoteüs was dominee in Efeze. Paulus wil hem graag een hart onder de riem steken.

Dag 5 :
Openbaring 2: 1-7
  NBV

Dit is een brief van Jezus zelf, bestemd voor de kerk van Efeze. Maar ook voor alle kerken, waar en wanneer ook. Wat zou je voor je eigen gemeente van deze brief kunnen leren?

Terugkijken en verdergaan

Kijk terug op de weken dat je werkte met het blok over de Bijbel en Bijbellezen. Zijn je plannen met Bijbelleesroosters goed verlopen? Wat is ervoor nodig om zelf verder te gaan met Bijbellezen? Help elkaar aan goede tips en blijf elkaar stimuleren.

Stellingen

  • Gelovigen moeten elkaar stimuleren in Bijbellezen.
  • Hoe meer je uit de Bijbel leest, hoe beter je geloof is.
  • Wie steeds twijfelt moet stoppen met Bijbellezen.
  • De Bijbel zou een verplicht boek op de middelbare school moeten zijn.
  • Je moet de Bijbel in zijn verband lezen en niet in losse stukjes.

Hulpmiddelen

Maak een lijst van hulpmiddelen bij het lezen van de Bijbel, bekijk ze en probeer ze uit. Denk aan andere vertalingen, de Bijbel in een andere taal, dagboekjes, scheurkalenders, cd’s, enz. Maak een concreet plan hoe je aan de slag gaat en spreek af hoe je elkaar helpt je daaraan te houden.

In de gemeente in de dienst

Bedenk hoe de Bijbellezing zo gedaan kan worden dat hij eerbiedig is en aansprekend voor de mensen in de kerk. Overleg met de voorganger of je een van je ideeën in de dienst in praktijk mag brengen. Schrijf een begeleidend stukje in het kerkblad of voor op de site waar in je uitlegt wat jullie willen bereiken.

In stilte

Oefen jezelf in aanbidding door eerst een bijbelgedeelte te lezen waarin God geëerd wordt, bijvoorbeeld Psalm 150. Denk over elke regel goed na en laat hem tot je doordringen. Schrijf daarna 5 regels op waarin je tegen God zegt hoe blij je bent dat je Hem kent, dat je Hem wilt eren om wie Hij is en om wat Hij doet. Ga daarna bidden en gebruik daarbij de regels die je gebruikt.
Je kunt dit een bepaalde tijd herhalen met verschillende bijbelgedeelten als uitgangspunt. Merk je dat je makkelijker leert zeggen hoe blij je bent dat je God kent?

Creatief

Lees Jesaja 40: 8 en beeld dat uit in een tekening, graphic of schrijf er een gedicht over.

 

Over het lesonderwerp

In deze les verdiep je je in de overige bijbelgenres. Gebruik opnieuw de leesvragen en blijf ervaringen delen.
Organiseer na deze avond een algemene evaluatie en blijf stimuleren dat jongeren het persoonlijk bijbellezen en bidden vormgeven. Maak daarover ook vervolgafspraken, als je elkaar kunt helpen lukt volhouden beter (en dat was ook één van de onderwerpen dit jaar).
Tip: Jongeren een levensloop van Jezus laten maken met hulp van de evangeliën. Blijf niet hangen in vragen over tijdsvolgorde of kleine verschillen, maar maak een levensloop op hoofdlijnen. Zet vervolgens bij markeerpunten wat dit verhaal voor jou/jullie betekent.

Lesdoel

  • De leesvragen van de evangeliën en brieven kunnen toepassen.
  • Kunnen aangeven dat brieven een dubbele boodschap en leesgroep hebben en uitleggen wat de brieven nu betekenen.
  • Kunnen aangeven hoe het met eigen bijbellezen gaat en een plan kunnen maken voor vervolg.
  • De inhoud van enkele brieven verkennen.

De bespreking

  • Probeer ervoor te zorgen dat aan het eind van de avond jongeren zelfinzicht hebben over bijbelleesgewoontes.
  • Bespreek de inhoud van de bijbelgenres die aan bod komen en blader door de bijbelboeken (in groepjes) om een beeld te krijgen van wat er in staat.
  • Lees een brief die Jezus zelf stuurde uit Openbaringen. Koppel dat aan het bevel tot evangelieverkondiging (zendingsbevel) en de lessen die jullie eerder besproken hebben. Laat zien hoe betrokken Jezus op de evangelieverkondiging is.
  • Sluit af met lofverheffing. Laat ieder persoonlijk een bijbeltekst op zoeken die gaat over de lof aan God of schrijf zelf iets op in eigen woorden. Er mag natuurlijk ook voor een liedtekst gekozen worden. Geef hiervoor 5 -8 minuten, ga dan om beurten voorlezen wat je hebt opgezocht. Eindig met een dankgebed en/of een lied.
  • Tip: Schrijf een stuk voor het kerkblad of de site waarin de groep terugkijkt op dit jaar en anderen vertelt over wat ze leerden.

 

Woord van God

Op de tijd die God gekozen heeft,
is het woord mens geworden.
Jezus maakt alle profetie waar.
Hij zorgt dat al Gods beloften werkelijkheid worden.
Vier evangelisten vertellen erover.
Totdat Jezus terugkomt,
gaat dat goede nieuws de wereld door.
Kijk met alle gelovigen uit naar Zijn komst en bidt:
Heer, kom snel, we wachten op U.

BIJBELSTUDIE: Marcus 11: 1-11 en Kolossenzen 3: 5 – 17

Je leest over de intocht in Jeruzalem en een stuk uit een van de brieven. Gebruik de leesvragen.

Lees over de intocht van Jezus met Marcus 11: 1-11.

  • Gebruik de leesvragen uit de les. Je vindt ze in de eerste alinea.

Lees vervolgens Kolossenzen 3: 5 – 17.

  • Gebruik bij dit deel uit een brief van Paulus de leesvragen uit de derde alinea van de rechterkolom.

Bedenk bij beide bijbelgedeelten wat jij leerde en wat je hierover aan God wilt zeggen in je gebed.
Bespreek met je groepsgenoten het gebruik van leesvragen.

  • Kun je ermee uit de voeten?
  • Ga je ze vaker gebruiken? Hoe ga je dat aanpakken?