Sluiten

Les 3.2 Gods plan en voorzienigheid

OPDRACHTEN

Definitie

Wat is voorzienigheid? Ontdek wat dit kerktaalwoord betekent en waarom het voor jou een belangrijke term is met het werkblad ‘Wat is voorzienigheid?

Jouw leven

Inventariseer de mooie en moeilijke dingen uit jullie leven. Zet het in trefwoorden op een whiteboard. Zet er smileys bij: een lachebekje bij iets waar je blij van wordt of gebruik een donderwolkje, traanoogje enz. zodat jullie je emoties zichtbaar maken.
Lees vervolgens het laatste deel van de les, vanaf het kopje ‘Waarom?’ Zet een cirkel om alle smileys die een beetje veranderen als je hieraan denkt en bespreek dat samen.
Denkvraag: Veranderen de lachebekjes ook als je het laatste deel van de les leest? Hoe dan?

Gods plan

Met kaarten die je maakt met het werkblad ‘Gods plan met de wereld en met jou’ maak je kennis met de begrippen ‘Gods geopenbaarde wil’ en ‘Gods verborgen wil’. Je ontdekt dat dat handige begrippen zijn die je helpen God te vertrouwen. Hij heeft ook een plan met jou.

In de gemeente

Sommige gelovige mensen maken veel verdrietige dingen mee. Ken je iemand uit de gemeente die veel moeilijke dingen meemaakte? Vraag dan of hij of zij erover wil komen vertellen en vraag wat het geloof voor die persoon betekende. Soms zegt iemand achteraf: ‘Het is goed voor mij geweest’, al die moeilijke dingen. Wat zou daarmee bedoeld worden?

Bij de catechismus

Lees vraag en antwoord 28 van zondag 10 van de catechismus. Streep de drie belangrijkste woorden aan. Zoek uit welk deel van deze vraag geldt voor verleden, heden of toekomst.
Kies uit de volgende woorden welke passen bij wat vroeger gebeurde, bij wat je nu meemaakt en bij wat er nog gaat gebeuren.
Geduld, vertrouwen, leren van voorbeelden, verwachten, zeker weten, dankbaarheid, liefde voor God, bewijs van trouw, machtig ingrijpen door God, perpectief, duidelijkheid. Zet een streep onder de woorden die passen bij voorzienigheid.

Bij de dichtbij-tekst

Lees de tekst op pagina 59 en beantwoordt de vraag eronder.

In de gemeente

Gods voorzienigheid, daar kun je je ook door laten bemoedigen of daar kun je anderen moed mee inspreken. Bedenk hoe je dat zou kunnen doen en schrijf het op een kaartje om te sturen naar iemand die veel moeilijke dingen mee moet maken.

Stellingen

  • Gelukkig weet God alles al, dan komt het zeker weten goed.
  • Gelukkig weet ik niet hoe mijn leven gaat, ik zou me geen raad weten.
  • Geloven dat alles toevallig zo gaat, maakt mensen somber.
  • Het maakt niet uit of je gelooft in het lot of in God.
  • Een christen kan nooit zeggen dat iets ‘toevallig’ gebeurt.
  • De voorzienigheid is wel/niet belangrijk voor mij.
  • Jezus is het mooiste van Gods plan met de wereld.
  • Alle mensen moeten horen van Gods plannen.
  • Gods plan geldt ook voor mensen die niet geloven.

HANDLEIDING

Over het lesonderwerp

Voorzienigheid is een moeilijk woord. Ontdek wat het betekent met het werkblad (de eerste opdracht). Bespreek dat het niet alleen belangrijk is dat God een plan heeft met je leven, waarbij het zeker is dat dat een goed plan is. Hij heeft ook alle macht en kracht om dat plan te realiseren. Voorzienigheid is het verzamelwoord voor het plan en de kracht van God, waarbij je zeker weet dat het Gods vaderhand is die het je geeft.

Bij de bijbelstudie

De geschiedenis van Jozef is een prima illustratie bij het begrip voorzienigheid en bij het plan van God met je leven. Ook goed te gebruiken: Het voorbeeld van een borduurwerk, waarbij mensen alleen de achterkant zien, met alle lelijke draadjes en waarbij God zicht heeft op de voorkant, Hij weet waar het heen gaat en hoe het gaat worden.

Lesdoel

Kunnen uitleggen wat bedoeld wordt met Gods voorzienigheid.
– Iets van Gods plan met de wereld kunnen aanwijzen in de Bijbel.
– In de geschiedenis van Jozef de lesstof kunnen toepassen.
– De termen geopenbaarde en verborgen wil van God begrijpen en kunnen plaatsen in eigen leven.
– Aangeven hoe je in je leven het vertrouwen op Gods goede zorg kunt laten zien.

De bespreking

Zorg dat de les persoonlijk wordt en jongeren in gesprek raken over vragen in hun leven, over vertrouwen op God of niet, ervaringen in eigen geschiedenis. Het onderwerp leent zich ook goed voor een persoonlijk getuigen. Hoe zie jij als leider Gods hand in je leven.

Bijbel

Gebruik deze teksten bij de les: Ps. 104, Ps. 107, Mat. 10:29-30, Ef. 1:3-14, Rom. 8:18-19

Belijdenis

Bij dit onderwerp kun je artikel 13 van de Nederlandse geloofsbelijdenis en zondag 9 en 10 van de catechismus gebruiken.

 

 

Heer, leer mij uw weg!

Als ik het moeilijk vind,
wilt U het dan uitleggen?
En als dat te moeilijk voor mij is,
wilt U me dan vertrouwen geven?
En geduld?
En hoop?

Leer me geloven in U, machtige God.
Laat me als een kind vertrouwen
dat U het beste met me voor hebt,
mijn Vader.

BIJBELSTUDIE Genesis 45: 1-8

Bespreek eerst samen deze intro vragen over Jozef die zijn broers ontmoet.

  • Wat was de bedoeling van de broers, toen ze Jozef verkochten naar Egypte?
  • Hoe zou Jozef zich voelen, nu zijn broers voor hem staan?
  • Hoe denk je dat de broers zullen reageren als hij zich bekend maakt?

Lees vervolgens in Genesis 45 wat er gebeurt als Jozef, de onderkoning van Egypte, zich bekend maakt aan zijn broers.
1Jozef kon zich niet langer inhouden. Hij stuurde alle ​Egyptenaren​ die bij hem waren, weg. Toen hij alleen was met zijn broers, vertelde hij wie hij was. 2Hij begon te huilen. Hij huilde zo hard dat de dienaren buiten het hoorden. En ook in het paleis van de ​farao​ was het te horen.
3Jozef zei tegen zijn broers: ‘Ik ben Jozef! Leeft mijn vader nog?’ Maar de broers zeiden niets, want ze waren vreselijk geschrokken.
4‘Kom toch dichterbij!’ zei Jozef. Dat deden ze. Toen zei hij: ‘Ik ben Jozef! Ik ben de broer die jullie verkocht hebben. Daarna ben ik naar ​Egypte​ gebracht.5Maar jullie hoeven niet bang te zijn. En jullie moeten ook niet boos op jezelf zijn, omdat jullie mij verkocht hebben. Want God heeft mij hierheen gestuurd. Hij heeft mij eerder dan jullie hierheen gestuurd om jullie leven te redden.
6Er is nu al twee jaar hongersnood. En er zal nog vijf jaar geen koren op het land groeien. 7Daarom heeft God mij eerder dan jullie hierheen gestuurd. Zo kan ik zorgen dat jullie blijven leven. Zo kunnen er veel mensen gered worden. 8Ik ben dus niet door jullie hierheen gestuurd, maar door God. Hij heeft ervoor gezorgd dat ik nu de belangrijkste raadgever van de ​farao​ ben. Ik heb de leiding over het paleis, en over heel ​Egypte.’

  • Reageert Jozef zoals je zou verwachten?
  • Wat zegt Jozef over God en Gods plan?
  • Wist Jozef van Gods plan toen hij in de put of in de gevangenis zat?
  • Hoe denk je dat Jozef zich door die moeilijke tijden heen sloeg?
  • Waarom heeft God Jozef naar Egypte gestuurd?

Het plan van God en de macht waarmee Hij het uitvoert en de zorg die Hij heeft voor zijn volk, dat heet samen de voorzienigheid van God.